Formulieren doden conversies. Elk veld is frictie. Elk verplicht veld is een drempel. Sessieopnames laten precies zien waar bezoekers formulieren verlaten. Een bezoeker komt op een formulier. Hij begint met invullen. Hij aarzelt bij veld drie. Hij haakt af. De opname laat het moment van frictie zien. Laat zien welk veld het veroorzaakte. Laat precies zien waarom hij vertrok. Opnamedata laat formulierproblemen zien die cijfers verbergen. Analytics toont het percentage afgebroken formulieren. Het laat niet zien welk veld dat veroorzaakte. Een opname laat alles zien. De bezoeker aarzelde. Hij las het label opnieuw. Hij zocht naar hulptekst. Hij ging weg en kwam terug. Deze momenten laten frictie zien. Sommige velden veroorzaken meer afhakers dan andere. Wachtwoordvelden met complexe eisen jagen bezoekers weg. Telefoonnummervelden met een onduidelijk formaat verwarren. Leeftijdsvelden veroorzaken afhakers. Datumvelden veroorzaken afhakers. Open tekstvelden veroorzaken afhakers. Formulieren optimaliseren begint met begrijpen welke velden frictie geven. Sessieopnames geven dat begrip.
In dit artikel lees je hoe je sessieopnames gebruikt om formulieren te optimaliseren en afhaken te verminderen.
Zie welke formuliervelden de meeste afhakers geven
Bekijk opnames van afgebroken formulieren. Een bezoeker vult een paar velden in en stopt dan. Welk veld raakte hij als laatste aan? Aarzelde hij bij dat veld? Ging hij weg en kwam hij niet terug? Dat veld geeft afhakers.
Bekijk tien afgebroken formuliersessies. Noteer bij welk veld elke bezoeker stopt. Stoppen acht van de tien bij hetzelfde veld, dan geeft dat veld afhakers. Stoppen ze bij verschillende velden, dan is het probleem verspreid over meerdere velden.
Bepaalde soorten velden geven voorspelbaar afhakers. Wachtwoordvelden met sterkte-eisen. Adresvelden waarbij automatisch aanvullen niet werkt. Telefoonvelden die een bepaald formaat verwachten. Deze velden geven steeds frictie.
Let op aarzeling bij specifieke velden
Aarzeling laat frictie zien. Een bezoeker begint te typen in een veld. Stopt. Leest het label opnieuw. Begint weer. Stopt weer. Dit patroon van aarzeling laat zien dat het veld verwarrend is.
Een beetje aarzeling is normaal. Sommige aarzeling wijst op frictie. Meet hoe vaak mensen aarzelen. Aarzelt vijftig procent van de bezoekers bij een veld, dan moet dat veld beter. Aarzelt vijf procent, dan is het normale variatie. De frequentie bepaalt hoe ernstig het is.
Let op specifieke patronen van aarzeling. Bezoekers die labels opnieuw lezen: de labels zijn onduidelijk. Bezoekers die de hulptekst gebruiken: het veld heeft uitleg nodig. Bezoekers die van het formulier wegkijken: ze denken na over hoe ze moeten antwoorden. Deze patronen sturen je verbeteringen.
Begrijpen waarom bezoekers optionele velden overslaan
Optionele velden worden vaak overgeslagen. Een beetje overslaan is normaal. Soms wijst overslaan erop dat het veld riskant of onduidelijk lijkt. Sessieopnames laten het verschil zien.
Bekijk opnames. Slaan bezoekers optionele velden zelfverzekerd over? Of aarzelen ze, alsof ze de velden proberen te vermijden? Zelfverzekerd overslaan betekent dat het veld duidelijk optioneel is. Aarzelend overslaan betekent dat bezoekers het label optioneel niet vertrouwen.
Optionele velden die de meeste bezoekers overslaan, moeten misschien een andere plek krijgen. Of een duidelijkere uitleg van hun doel. Of ze zijn helemaal niet nodig. Opnames helpen bij deze keuzes.
Verwarrende labels en hulptekst vinden
Slechte labels geven frictie in formulieren. Een label dat onduidelijk is. Een label vol jargon. Een label dat andere termen gebruikt dan de bezoeker verwacht. Dat zorgt voor aarzeling.
Bekijk opnames van bezoekers die labels lezen. Lezen ze één keer en begrijpen ze het? Of lezen ze meerdere keren? Kijken ze weg van het veld? Controleren ze de hulptekst? Gedrag in opnames laat labelproblemen zien.
Verschijnt de hulptekst in opnames, dan legde het label niet genoeg uit. De bezoeker had extra uitleg nodig. Dat wijst erop dat het label beter moet.
Meet formulierafronding per veld en bereken afhaakpercentages per veld
Volg welke bezoekers elk veld afronden. Bereken het afrondingspercentage per veld. Een veld met negentig procent afronding geeft minimale frictie. Een veld met dertig procent afronding geeft veel afhakers.
Sessieopnames leggen uit waarom afrondingspercentages verschillen. Bekijk opnames van bezoekers die veld één afrondden maar veld twee niet. Zie wat er veranderde. Wat zorgde ervoor dat ze afhaakten? Die context maakt van cijfers inzichten waar je mee aan de slag kunt.
Afhaakpercentages per veld sturen je prioriteiten. Los de velden met de laagste afronding eerst op. Die vormen de grootste drempels voor conversie.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik of een formulierveld echt verwarrend is of dat bezoekers gewoon lui zijn?
Let op hun gedrag in opnames. Een luie bezoeker slaat het veld snel over. Een verwarde bezoeker zoekt. Hij gaat naar het veld. Hij aarzelt. Hij kijkt rond. Hij gaat weg. Dan komt hij terug. Dit patroon laat verwarring zien, geen luiheid. Verwarde bezoekers tonen vaak frustratie. Ze klikken misschien meerdere keren. Proberen verschillende dingen te typen. Hun gedrag laat worsteling zien. Met de websitebouwer van WEMASY zet je dit direct op je website op.
Bekijk ik formulieropnames op desktop en mobiel apart, omdat de frictie bij velden kan verschillen?
Ja, zeker. Mobiele formulieren geven andere frictie dan desktopformulieren. Aanraakschermen werken anders. De schermgrootte verandert hoe velden eruitzien. Een veld dat op desktop duidelijk is, kan op mobiel verwarrend zijn. Bekijk mobiele opnames apart. Mobiele en desktopbezoekers komen andere frictiepunten tegen. Optimaliseer beide.
Kan ik sessieopnames gebruiken om het beste aantal formuliervelden te bepalen?
Gedeeltelijk. Kijk hoe de afronding daalt naarmate bezoekers verder in het formulier komen. Daalt de afronding sterk na veld vijf, dan is het formulier misschien te lang. Maar opnames vertellen niet het hele verhaal. Je moet testen of het weghalen van velden de conversie echt verhoogt. Opnames helpen bij het opstellen van een hypothese. Testen bevestigt hem.
Hoe onderscheid ik een veld dat een beter label nodig heeft van een veld dat gewoon weg moet?
Bekijk opnames van bezoekers die met het veld werken. Ronden de meeste bezoekers het veld snel af zonder aarzeling, dan is het label duidelijk. Aarzelen de meeste bezoekers en hebben ze moeite, dan heeft het veld een beter label nodig. Slaan bezoekers het veld meestal over, ook al is het verplicht, dan is het veld misschien niet nodig. Aarzeling wijst op problemen met labels. Overslaan wijst erop dat het veld niet nodig is.
Wat is de meest voorkomende frictie in formuliervelden die je in sessieopnames vindt?
Wachtwoordvelden. Bezoekers hebben moeite met wachtwoordeisen. Complexe regels. Speciale tekens. Hoofdletters en kleine letters en cijfers en symbolen. Bezoekers onthouden niet alle regels. Ze haken af of maken zwakke wachtwoorden. Adresvelden zijn de tweede bron. Automatisch aanvullen werkt soms wel. Soms niet. Wisselend gedrag verwart bezoekers. Telefoonvelden zijn de derde. De verwachtingen over het formaat verschillen per land. Bezoekers raken in de war over welk formaat ze moeten gebruiken.
Hoeveel opnames van afgebroken formulieren moet ik bekijken om patronen te vinden?
Bekijk minimaal twintig opnames van afgebroken formulieren. Zo zie je of het probleem breed speelt of om uitzonderingen gaat. Stoppen alle twintig bij hetzelfde veld, dan heb je een kritiek probleem gevonden. Stoppen ze bij verschillende velden, dan is het probleem breder. Twintig opnames zijn meestal genoeg om grote patronen te vinden. Honderd opnames laten ook subtiele patronen zien. Begin met twintig. Kijk er meer als patronen niet duidelijk zijn.